Geplaatst in Eigen werk

“Ik ben ervan overtuigd dat dit de oplossing is voor de grotere zorgaanbieders”

Een sprong in het diepe. Zo is de beslissing van Carin Stokvis om een eigen zorgboerderij te starten het beste te omschrijven. Ruim twee jaar geleden besloot ze een dagbesteding voor verstandelijk beperkten op te zetten; De Lachende Geit was geboren. Een beslissing waar ze tot op dit moment nog geen spijt van heeft gehad.

Door Robin Tibbe

“In het begin twijfel je heel erg of je wel de juiste beslissing hebt genomen. Ik ben begonnen met het maken van een website en het laten drukken van folders. Daar heb ik veel geld voor betaald, maar het leverde minder op dan ik van tevoren had verwacht. Daar lig ik vervolgens niet wakker van. Het is een goed leermoment”, zo omschrijft Carin de eerste maanden. Het woord ‘spijt’ is in de beginperiode echter niet gevallen. Bovendien won het zelfvertrouwen het uiteindelijk van de twijfels. “In het begin had ik er ook niet echt vertrouwen in hoor. Ik wilde het gewoon graag en ik wist zelf dat ik het kon. Het is vooral de persoonlijke motivatie die dan helpt. Mijn ouders waren niet helemaal overtuigd in het begin, maar hebben me wel een klein beetje geld gegeven om mee te beginnen.”

“Het eerste jaar heb ik ruim twintig uur in de week bijgedraaid in de zorg. Vanaf het moment dat na een half jaar de eerste deelnemer kwam, begon het een beetje te draaien. In het begin heeft een stagiair geholpen om de zorgboerderij op te bouwen. Ik heb als eerste kerstboompjes gekocht. Als het dan niet zou lukken met de zorgboerderij, dan had ik in ieder geval nog iets om te verkopen.” Maar liefst 25 jaar was Carin in de gehandicaptenzorg actief voordat ze besloot als zelfstandige verder te gaan. Het duurde niet lang voordat ze het gevoel had de juiste beslissing te hebben genomen door voor de gehandicaptenzorg te kiezen. “Ik vond het direct geweldig. Ik had het virus te pakken en was helemaal om.”

Kleinschaligheid
Inmiddels is Carin ruim twee jaar bezig met de zorgboerderij en loopt alles naar wens. Het is de bedoeling dat het een kleinschalige dagbesteding blijft. Het liefst heeft ze een maximum van zes deelnemers op een dag. Dan kan er met de aanwezigheid van een stagiair en een vrijwilliger genoeg aandacht besteed worden aan de deelnemers. “Ik zeg de vrijwilligers ook wel: help me onthouden dat ik niet te grootschalig word. Want geld kan gekke dingen met je doen. Dat wil ik niet hebben. Ik wil niet gedreven worden door geld.” Door de veranderingen in de zorg beseft de eigenaar van De Lachende Geit echter dat ze wellicht in de toekomst het deelnemersaantal moet uitbreiden. Dat vertelt ze van tevoren ook aan de ouders/verzorgers van de deelnemers. “Ik probeer zelf uit de kosten te komen. Blijkt achteraf dat er heel erg gekort gaat worden, dan zal de groep wel iets groter worden. Dat is een optelsom en dat weten ze allemaal.”

CURpag1819foto1
Net zoals bij veel andere instellingen, is het voor Carin niet geheel duidelijk wat er nu precies gaat gebeuren door de veranderingen in de zorg. Zo is het voor haar onduidelijk waarop gekort gaat worden. Desondanks houdt Carin vertrouwen in de toekomst van haar zorgboerderij. Dat vertrouwen haalt ze uit het feit dat de grote zorginstellingen in de gemeente Hellendoorn geen dagbesteding hebben. De deelnemers van die instellingen gaan op dit moment nog naar Almelo voor de dagbesteding, maar de vervoersindicatie gaat eraf. Dat betekent dat voor de grote zorginstellingen in de gemeente Hellendoorn automatisch een zorgboerderij als De Lachende Geit in beeld komt om de deelnemers overdag onder te brengen.

“Ik denk dat er meer aanmeldingen gaan komen dan nu het geval is. Een zorgboerderij is toch een goedkopere vorm van slim ondernemen.  Ik denk dat de zorgboeren de nieuwe oplossingen zijn voor de problemen in de zorg. Het is kleinschalig en je hebt geen tussenlagen van management. Boerenwijsheid en een platte organisatie, dat is een sterk punt. In de omgeving zijn er echter zorgboeren die zich meer zorgen maken dan ik. Die hebben personeel en daar zit je grootste kostenpost. Die lopen meer risico dan ik. Ik weet voor mezelf: gaat het niet lukken, dan is er geen man over boord. Ik hang er geen financiële strop om. Ik geloof niet dat het uiteindelijk alsnog zal mislukken. Ik ben ervan overtuigd dat dit de oplossing is voor de grotere zorgaanbieders.”

Voldoening
Het meest afhankelijk is Carin van de deelnemers. Zij zorgen er ten slotte voor dat de zorgboerderij bestaansrecht heeft. Ze houdt ervan om met de gebruikers van de dagbesteding bezig te zijn. “Echt aan het werk zijn met de deelnemers, dat is wat ik het aller leukst vind. Buiten bezig zijn, iets opbouwen, knutselen, samen iets maken waar iedereen uiteindelijk trots op is. Dat is wat ik te gek vind. Daar haal ik voldoening uit. Het is dan toch iets wat ze geleerd hebben en waar ze zelf heel trots op zijn. Dat is super om te zien. Ze zijn dan hun eigen beperking te boven gestegen.”
Bij De Lachende Geit lopen deelnemers met een verschillend niveaus. Dat betekent niet dat ze elkaar niet kunnen ondersteunen in hun ontwikkeling. Dat is juist de bedoeling van de zorgboerderij.”Ze proberen met elkaar de uitdaging aan te gaan. Iemand die onzeker is, gaat hier wel iemand wat uitleggen en helpen om dingen samen te doen. Ze helpen elkaar ontwikkelen en dat is mooi. Het is belangrijk om dat te zien. We laten ze bewust de dingen zelf doen. Ze hebben zelf ook wel door dat ze stappen zetten in hun ontwikkeling. Dat wordt onder meer in de zorgplannen en de begeleidingsplannen besproken. Ook tijdens de gesprekken met de ouders, waar de deelnemer bij zit, komt dat naar voren.”

Werk en privé gescheiden
Carin is van plan om in de komende periode meer een scheiding aan te brengen tussen werk en privé. Ze wil dat realiseren door de zorgboerderij na het vertrek van de deelnemers ook echt af te sluiten en zich te richten op haar gezin. Een maatregel die genomen wordt, is het realiseren van een eigen kantine. Een bouwkeet wordt door de deelnemers omgetoverd tot een plek waar gegeten en gedronken kan worden, zodat er geen activiteiten meer in huis ondernomen hoeven worden. “Omdat je de zorgboerderij ook in huis hebt, ben je er vrijwel continu mee bezig. Soms moet ik in de avond nog even achter de computer om de doelen van de deelnemers te schrijven. Dan is het al snel half twaalf en dat wil ik niet meer. Na half vijf wil ik de zorgboerderij kunnen afsluiten. Natuurlijk zal ik dan soms nog wat dingen in de avond moeten doen. Het liefst ben ik half vijf klaar en heb ik dan tijd voor het gezin.”

“Ik ben de zorgboerderij, ook in het weekend. Daar heb ik mentaal geen last van. Ik heb wel eens gehad dat ik word meegezogen in de problematiek van de deelnemers. Dan trek ik het me te veel aan. Dan beginnen ze mij berichtjes te sturen. Dat is eigenlijk niet de bedoeling. Ze moeten niet opeens om elf uur in de avond een bericht sturen en zeggen dat ze denken de volgende dag ziek te zijn. Dan vertel ik dat ze zich bij een baas in de ochtend ziek moeten melden en dat hier die regels ook gelden. Op een gegeven moment moet je grenzen stellen. Ik ben er vrijwel nooit uitgeput door, alleen op spaarzame momenten.” Carin ziet het aan de andere kant wel als een voordeel dat de zorgboerderij bij huis is. Ze is daardoor vrijwel altijd thuis voor de kinderen. “Er hoeft maar een calamiteit te zijn en ik kan de kinderen snel ophalen van school. Ik hoef niet meer weg om te werken en dat is wel lekker.”

Gezin
De eigenaar heeft niet alleen de zorg over de deelnemers, maar heeft daarnaast met haar man ook drie zonen. Die hebben geen moeite met de verstandelijk beperkten die bij hun thuis rondlopen. Ze vinden het zelfs leuk en zijn daardoor soms samen op de trampoline te vinden of trappen een balletje in de tuin. Carin beschouwt dat als een positief effect van de zorgboerderij. “Dat is goed voor de sociale ontwikkeling. Dat vind ik echt fantastisch. Ik laat het lekker gaan, want het gaat zo ontspannen. Er zijn geen problemen tussen mijn kinderen en de deelnemers. Als die er wel zijn, dan zeg ik dat tegen onze kinderen. Ik trek eerder de grens voor onze kinderen.”

Het ideaalbeeld is dat uiteindelijk een van de zonen de zorgboerderij overneemt. Maar voorlopig is dat niet aan de orde. Carin is in ieder geval van plan om haar hele leven de zorgboerderij in stand te houden. “Ik had dit, achteraf gezien, al tien jaar eerder moeten doen. Ik zie mij dit mijn hele leven wel doen. Natuurlijk denk ik wel eens over de toekomst na. De kinderen geven zelf aan de zorgboerderij te willen overnemen. Daar maak ik me geen zorgen over. Ik zou eigenlijk niet weten wanneer je als zorgboer met pensioen gaat. Als ik kijk naar het plezier dat ik erin heb, denk ik: ik kan tot mijn tachtigste doorgaan. Maar dan wil ik wel minder managementtaken. En als de kinderen het uiteindelijk niet willen overnemen, dan gaat het over.”

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s